Ter voorbereiding van een bijeenkomst bij een grote gemeente over jeugdcriminaliteit, stuitte ik op het laatste boek van de Utrechtse pedagoog Ido Weijers. Deze emeritus hoogleraar schreef in 2025 een mooi boek voor een breder publiek over misvattingen en feiten over jeugdcriminaliteit en koppelde daar ook een paar adviezen aan. Een aanrader voor alle professionals die veel te maken hebben met (ontspoorde) jeugd. Mooi toch, boeken die je aan het denken zetten. Volgens mij is dat wat je als auteur wil en wat de samenleving nodig heeft.
Het is goed als iemand met de staat van dienst van Weijers ons wijst op de onzin die soms wordt verkocht over jeugdcriminaliteit. Je blijft er scherp door, omdat je wellicht zelf ook werd verleid om al te gemakkelijk een bepaalde denkwijze of feitenvrij oordeel te volgen. Denk aan de verzuchting dat ‘ze’ steeds jonger worden. Daar is tot op de dag van vandaag geen enkel overtuigend empirisch bewijs voor. En ook bij fenomenen als ‘jeugdrechtbanken’ en ‘Top x aanpakken’ plaatst Weijers dikke vette vraagtekens bij de effectiviteit.
Het hoofdstuk over stoppen met criminaliteit deed mij denken aan het onderzoek KNEL! dat ik samen met o.a. Kyra van den Akker, Bob Schuitema, Raymond van Bohemen uitvoerde naar betrokken raken bij en stoppen met georganiseerde misdaad. Hiervoor bestudeerden we literatuur en spraken we uitvoerig met de stoppers.
Weijers had dit onderzoek wellicht heel anders gedaan, omdat zijn voorkeur uitgaat naar bestudering van personen die nog crimineel actief zijn en bij wie het volstrekt onzeker is nog wanneer en hoe ze zullen stoppen. Zijn tip is dan om deze personen een aantal jaren te blijven volgen. Daar is veel voor te zeggen. Wij merkten echter dat degenen die nog midden in het proces zaten, nog onvoldoende afstand toonden in de gesprekken. Ook is het blijven volgen erg intensief en het is de vraag of het achteraf spreken met stoppers echt zo onverstandig is. Als je maar weet dat de stopper soms de neiging heeft om zaken achteraf iets meer aan te dikken en wellicht wat te ‘romantiseren’.
Toch leverde ons onderzoek wel een en ander waardevols op. Onze kernconclusie was dat het mentale proces bij stoppen met (georganiseerde) misdaad doorslaggevend is en misschien nog wel belangrijker dan woning, een relatie en werk. Blijkt uit het boek van Weijers dat deze bevinding al ergens in de jaren vijftig als kernconclusie naar voren kwam in toenmalig onderzoek naar stoppen.
En zo staan we uiteindelijk allemaal op de schouders van anderen, wat maakt dat een bescheiden houding meestal wel past.
Eric Bervoets.
Het onderzoek Knel! is te raadplegen via onderstaande knop:
